Ondernemingen zitten verwrongen in een kluwen van regels om het ondernemerschap aan te moedigen, te reguleren of net vrijheden te beperken om zo anderen te beschermen. Hierdoor komen ondernemers in contact met diverse andere takken van het recht, zoals het huurrecht, het arbeidsrecht, het intellectuele eigendomsrecht et cetera. Een compleet overzicht bieden, is onbegonnen werk. Daarom hebben we het in de eerste plaats over de verschillende rechtsvormen, de bijhorende aansprakelijkheidsregels en vervolgens ook over een aantal praktische aangelegenheden waar ondernemers gegarandeerd mee in contact zullen komen.

Inhoudsopgave

Inhoud van het ondernemingsrecht

Het ondernemingsrecht is een onderdeel van het privaatrecht. Dit maakt het ondernemingsrecht heel complex, waardoor advocaten zich er vaak in moeten specialiseren. Het ondernemingsrecht bestaat eigenlijk uit twee sets van regels:

  • Regels die het ondernemerschap moeten faciliteren, zoals het beschermen van de huurder van middenstandsbedrijfsruimtes
  • Regels die het ondernemerschap reguleren, bijvoorbeeld om consumenten of het milieu te beschermen

In de praktijk is het verhaal echter zelden zwart-wit en moet er wel vaker een evenwicht gevonden worden tussen deze twee visies. Daarom zullen bepalingen soms tegelijkertijd faciliteren en reguleren.

Verschillende rechtsvormen en de aansprakelijkheid

Ondernemers kunnen soms persoonlijk aansprakelijk zijn voor fouten of schulden van hun onderneming. Door te kiezen voor een rechtsvorm met rechtspersoonlijkheid, kunnen ze de risico's enigszins beperken. Toch blijven er ook dan risico's bestaan want ook bestuurders moeten soms opdraaien voor hun wanbeheer. Hoe dan ook verschillen de aansprakelijkheidsregels in functie van de gekozen rechtsvorm. Hieronder zijn ze weergegeven. De vereniging en de stichting laten we daarbij achterwege, onder meer omdat het ondernemingsrecht er slechts bij grote uitzondering van toepassing is.

Eenmanszaak

Veel ondernemers kiezen voor een eenmanszaak omdat het zo eenvoudig op te richten is. Er komen weinig formaliteiten bij kijken en de oprichtingskosten zijn dan ook heel beperkt. Toch kent de eenmanszaak ook een groot nadeel: de eenmanszaak is geen rechtspersoon en dus is de ondernemer met zijn privévermogen aansprakelijk voor alle handelingen van de eenmanszaak. Dit wil zeggen dat als de eenmanszaak aansprakelijk is voor een fout, de schuldeisers ook aanspraak kunnen maken op het privévermogen of zelfs op de woning van de ondernemer. Hetzelfde geldt voor andere schuldeisers omdat de ondernemer bijvoorbeeld zijn zakelijke facturen niet meer kan betalen. En om het nog dramatischer te maken: voor wie in gemeenschap van goederen is gehuwd, geldt dat schuldeisers ook de partner financieel aansprakelijk kunnen stellen.

Vennootschap onder firma (vof)

Een vennootschap onder firma is een samenwerkingsverband waarbij verschillende ondernemers onder één gemeenschappelijke naam samenwerken. Voor het oprichten van een vennootschap onder firma is er geen startkapitaal nodig en de onderlinge afspraken zijn eenvoudig vast te leggen in een vof-contract. Het nadeel is identiek als bij de eenmanszaak: alle deelnemers zijn persoonlijk aansprakelijk voor de schulden van de vennootschap. Bovendien zijn ze elk volledig aansprakelijk. Dit wil zeggen dat schuldeisers mogen kiezen bij wie ze aankloppen om de schulden te vorderen en dat ze zich niet moeten beperken tot hun deel in de vennootschap. Net zoals bij de eenmanszaak kan dit bovendien ook gevolgen hebben voor wie in gemeenschap van goederen is gehuwd.

Commanditaire vennootschap (cv)

De commanditaire vennootschap is opnieuw een samenwerkingsverband, maar hierbij wordt er gerekend op een geldschieter (“stille vennoot”) en een beherende vennoot die ook daadwerkelijk gaat ondernemen. De stille vennoot blijft daarbij op de achtergrond. Zijn persoonlijke gegevens hoeven zelfs niet aan het Handelsregister worden doorgegeven.

Voor de beherende vennoot gelden dezelfde aansprakelijkheidsregels als voor een vof. De beherende vennoot is volledig aansprakelijk voor alle schulden en zijn privévermogen kan daarvoor aangesproken worden. Ook de partner waarmee hij in gemeenschap van goederen is gehuwd, loopt zo'n risico.

De situatie voor de stille vennoot is dan weer gunstiger. Als hij zich niet bekendmaakt buiten het bedrijf en niet betrokken is bij de bedrijfsvoering, kan hij zich in zo'n situatie op de achtergrond houden. Hij kan dan niet aansprakelijk worden gesteld. Natuurlijk loopt hij wel het risico om het door hem ingebrachte kapitaal te verliezen. Hij weet dan ook maar beter goed met wie hij in zee gaat.

Maatschap

Een maatschap is een ideale rechtsvorm om zich samen met andere ondernemers onder een gemeenschappelijke naam uit te voeren. Het wordt bijvoorbeeld vaak gebruikt door zelfstandige tandartsen die zich samen verenigen in één grote praktijk en zo investeringen kunnen delen.

Een maatschap is geen rechtspersoon en dus zijn de deelnemers in principe met hun eigen geld aansprakelijk wanneer er schulden worden gemaakt. Hier zijn er dus gelijkenissen met voorgaande rechtsvormen. Dat is ook het geval voor wat de aansprakelijkheid van de in gemeenschap van goederen getrouwde partner betreft. Anderzijds zijn er ook grote verschillen ten opzichte van de voorgaande rechtsvormen:

  • Elke deelnemer is enkel aansprakelijk voor zichzelf, waardoor een schuldeiser van de individuele ondernemer niet bij de andere maten kan aankloppen
  • De maten zijn wel elk aansprakelijk voor gemeenschappelijk aangegane verbintenissen
  • De maten zijn wel elk aansprakelijk wanneer zij een van de maten in een maatschapscontract een volmacht hebben gegeven om voor hen allen te handelen

Besloten vennootschap (bv)

In tegenstelling tot de voorgaande vennootschappen heeft een besloten vennootschap rechtspersoonlijkheid. Zo'n besloten vennootschap moet dan ook als een individuele rechtspersoon beschouwd worden die zelf verantwoordelijk is voor de schulden. Aan het oprichten van deze vennootschap zijn dan ook striktere formaliteiten verbonden.

Bestuurders van een besloten vennootschap zijn slechts beperkt privé-aansprakelijk voor schulden. Ze zijn bijvoorbeeld aansprakelijk tot ze zijn ingeschreven in het Handelsregister. Zolang ze handelen in naam van een bv in oprichting, kunnen ze net zoals een ondernemer in een eenmanszaak privé worden aangesproken voor hun schulden en verbintenissen.

Nadien zijn ze in principe niet aansprakelijk voor schulden, maar hierop zijn er wel uitzonderingen. Dit noemen we de bestuurdersaansprakelijkheid. De bestuurdersaansprakelijkheid geldt vooral wanneer er sprake was van wanbestuur. Bijvoorbeeld wanneer een bestuurder weet dat de bv het financieel moeilijk heeft, maar hij toch verbintenissen aangaat die de bv nooit zal kunnen nakomen.

Ten slotte kan een DGA zich altijd vrijwillig persoonlijk aansprakelijk maken. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer een bv geld wil lenen bij de bank. De bank zal dan extra zekerheid willen en de DGA vragen om persoonlijk voor de lening te tekenen. Het staat de DGA uiteraard vrij om dat niet te doen en andere financieringsmogelijkheden te zoeken.

Naamloze vennootschap (nv)

Een naamloze vennootschap is vergelijkbaar met de besloten vennootschap. Ook hier is er sprake van rechtspersoonlijkheid. Het belangrijkste verschil tussen deze twee vormen is echter dat bij een nv de aandelen vrij op de beurs verhandelbaar zijn. Zo'n aandeelhouder is niet aansprakelijk voor schulden van de vennootschap, maar kan natuurlijk wel zijn inbreng verliezen. Ook bestuurders zijn in theorie niet aansprakelijk, maar dezelfde uitzonderingen als bij de bv zijn ook hier van toepassing. Daarom moeten bestuurders altijd beducht zijn op het maken van fouten.

Huurrecht bij een bedrijfsruimte

Het huurrecht voor ondernemers is anders geregeld dan het huurrecht dat van toepassing is op woninghuur. Anderzijds wil dat niet zeggen dat hurende ondernemers helemaal geen bescherming hebben. Integendeel: de wetgever stelt ook eisen aan huurovereenkomsten voor ondernemers. En daar kan niet altijd van worden afgeweken. De regels die van toepassing zijn, verschillen wel naargelang het type bedrijfsruimte dat wordt verhuurd. We onderscheiden de 290-bedrijfsruimten en de 230a-bedrijfsruimten.

290-bedrijfsruimte

Deze bedrijfsruimten worden ook wel eens middenstandsbedrijfsruimtes genoemd. Het gaat hier om huurovereenkomsten voor bedrijfsruimtes die bestemd zijn voor kleinhandelsbedrijven, restaurants, cafébedrijven en ambachtsbedrijven. De wetgever vindt dat deze huurders meer bescherming moeten krijgen. Vaak is een restaurant sterk afhankelijk van de locatie en als de onderneming dan ineens naar een andere locatie moet, wordt het problematisch. Bovendien investeren deze ondernemers vaak veel in de locatie waar ze vertoeven. Door het een en ander te regelen, wil de wetgever hen beschermen.

Lees meer over het huurrecht en de regels voor 290-bedrijfsruimten →

230a-bedrijfsruimte

Wanneer het niet gaat om een woonruimte en ook niet om een 290-bedrijfsruimte, spreken we van een 230a-bedrijfsruimte. Dit is met andere woorden een ruime restcategorie waar bijvoorbeeld ziekenhuizen of banken onder vallen. Bij dergelijke huurovereenkomsten is er veel meer vrijheid. De contractspartijen mogen bijvoorbeeld zelf kiezen welke opzegtermijn ze kiezen, maar anderzijds hebben ze ook minder rechten. Ze kunnen onder andere niet zomaar bij de kantonrechter een verzoek indienen om de huurprijs aan te laten passen. Hier is alles in verregaande mate afhankelijk van de gemaakte afspraken en daarom is het toch aanbevolen om zich bij het opmaken van de huurovereenkomst te laten bijstaan door een jurist.

Vakbonden en rechtsbijstand

De vakbonden spelen een belangrijke rol in de juridische conflicten waar ondernemers tegenaan lopen. Werknemers kunnen zo kalm als een zalm rekenen op juridische ondersteuning van hun vakbond en de werkgever moet hoge kosten ophoesten om zich te verweren. Dit onderstreept nogmaals het belang van een goede rechtsbijstandverzekering.

Rechtsbijstandverzekering via de vakbond

Vakbonden vervullen verschillende taken, maar het verlenen van juridische ondersteuning is altijd al een belangrijke taak geweest. De juridische bijstand heeft dan betrekking op inkomens- en arbeidszaken. Daarvoor moeten werknemers wel een contributie betalen van ongeveer 200 euro per jaar. In veel cao's staat echter dat de werkgever de vakbondscontributie moet inhouden op het brutoloon, waardoor werknemers wel een fiscaal voordeel hebben.

Om te kunnen rekenen op juridische bijstand is er voorts nog een wachttijd van toepassing. Dit verschilt van vakbond tot vakbond maar schommelt meestal ergens tussen drie en zes maanden. Nadien zal de vakbond juridische bijstand bieden bij een conflict met de werkgever. Van vrije advocaatkeuze is er meestal geen sprake. Omdat de dekking bovendien beperkt is tot de werknemer en tot arbeids- en inkomensgerelateerde materie, is een rechtsbijstandverzekering vaak interessanter.

Lees meer over de rechtsbijstandverzekering →

Problemen met de vakbond

Door de actieve en ondersteunende rol van de vakbond komt een conflict met een of meerdere werknemers al sneller voor de rechter te liggen. Terwijl werknemers rekenen op de ondersteuning van de vakbond, moet de werkgever alle juridische kosten zelf ophoesten. Daarom is het voor de werkgever aanbevolen om zelf ook een zakelijke rechtsbijstandverzekering te nemen. Deze verzekering zal, met de keuze voor de juiste dekking, hulp bieden bij juridische conflicten met personeel of vakbonden.

Beroepsaansprakelijkheid

Beroepsaansprakelijkheid is de aansprakelijkheid voor fouten gedurende de uitvoering van de beroepswerkzaamheden. Ook verzuim bij de uitoefening van beroepswerkzaamheden kan in beroepsaansprakelijkheid resulteren. Het gaat daarbij vaak niet om een wettelijke vorm van aansprakelijkheid, maar een vorm van aansprakelijkheid die voortvloeit uit de aanvaarde opdracht. Een voorbeeld hiervan is een architect die een verkeerde berekening maakt. Ondernemers kunnen zich tegen de beroepsaansprakelijkheid laten verzekeren.

Meer informatie over de beroepsaansprakelijkheid →

Bedrijfsaansprakelijkheid

Er is sprake van bedrijfsaansprakelijkheid wanneer een ondernemer of een van zijn werknemers materiële schade of letselschade veroorzaakt bij de uitoefening van het bedrijf. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer een verhuizer een raam breekt bij een klant of een zware televisie laat vallen op de auto van de buren. Zelfs wanneer werknemers zo'n fout maken, is bijna altijd de werkgever aansprakelijk. Via een bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering kunnen de ondernemers zich tegen deze risico's beschermen.

Meer informatie over de bedrijfsaansprakelijkheid →

Rechtsbijstandverzekering voor ondernemers

Hierboven is het belang van de rechtsbijstandverzekering meermaals aan bod gekomen. In tegenstelling tot bij een particuliere rechtsbijstandverzekering waar vaak met standaardclausules wordt gewerkt, is een zakelijke rechtsbijstandverzekering altijd maatwerk. Dit maakt het vergelijken van verzekeringen er natuurlijk niet eenvoudiger op. In ieder geval zijn er wel een aantal zaken waarop ondernemers kunnen letten wanneer ze oordelen over de aan hen voorgelegde polisvoorwaarden.

Juridische hulp of juridische bijstand

Rechtsbijstandverzekeringen komen in twee varianten. In de minst uitgebreide vorm beperkt de verzekeraar zich tot het leveren van juridische ondersteuning of advies. Dit wil zeggen dat een team van juristen zal informeren over de te nemen vervolgstappen. Zo kunnen ze adviseren om over te gaan tot een vaststellingsovereenkomst of kunnen ze net aanraden om naar de rechtbank te stappen. Daar stopt hun juridisch advies wel en daarna moet de ondernemer zelf de advocaatkosten ophoesten.

Bij juridische bijstand zullen ze wel voor dergelijke kosten opdraaien. Op die manier is de verzekerde helemaal zeker van een optimale afhandeling van diverse juridische zaken.

Algemene aandachtspunten

Ga daarnaast altijd na in welke landen de dekking van toepassing is, of er maximale vergoedingen zijn voor bijvoorbeeld externe advocaatkosten, of er een minimum schadebedrag van toepassing is, of er een eigen risico is en onder welke voorwaarden de vrije advocaatkeuze al dan niet mogelijk is. Hier zijn vaak grote verschillen dus vergeet niet om verschillende voorstellen met elkaar te vergelijken.

Hoe uitgebreid is de dienstverlening van de rechtsbijstandverzekeraar?

Of het nu gaat om juridische bijstand of om juridisch advies: controleer steeds tot waar de ondersteuning loopt. Het is hierbij vooral de vraag welke geschillen gedekt zijn. Niet altijd zijn ze even relevant, maar denk toch zeker even na over geschillen met volgende partijen of over volgende zaken:

  • Geschillen met werknemers
  • Geschillen met aannemers
  • Geschillen met de overheid
  • Geschillen met de Belastingdienst
  • Geschillen met leveranciers of klanten
  • Geschillen over de huur van de bedrijfsruimte
  • Geschillen over bedrijfsvoertuigen
  • Geschillen over letselschade
  • Geschillen over milieuschade
  • Enzovoort

De beste werkmethode is om vooraf na te gaan welke risico's er in de desbetreffende sector bestaan, deze te inventariseren en daar vervolgens de rechtsbijstandverzekering op te laten afstemmen.

Veelgestelde vragen over de zakelijke rechtsbijstandverzekering

  • Is een rechtsbijstandverzekering niet te duur voor mijn onderneming?

Eerst en vooral is het goed om te weten dat de premie voor een rechtsbijstandverzekering nauw in verband staat met het risico dat een onderneming loopt, wat dan weer wordt bepaald door factoren als de omzet. Hierdoor valt de premie voor een rechtsbijstandverzekering relatief genomen heel goed mee. Wel is het belangrijk om de rechtsbijstandverzekering goed op de noden af te stemmen en zich niet te laten verzekeren voor onbestaande risico's, want dan zal een rechtsbijstandverzekering uiteraard onnodig duur zijn. Een goede verzekeraar zal echter de nodige hulp bieden om zo'n fouten te voorkomen.

  • Wat kost een zakelijke rechtsbijstandverzekering?

De premie voor de zakelijke rechtsbijstandverzekering is sterk afhankelijk van de gekozen dekking en het risico dat een bedrijf loopt. Een bedrijf met honderd personeelsleden zal sneller gedoe hebben met de vakbond, terwijl een onderneming met twee medewerkers een minder groot risico is. Hierdoor valt de kostprijs moeilijk te voorspellen. Voor zzp'ers met een heel beperkt risico zijn er al formules vanaf 250 euro per maand, maar meestal is zo’n 500 euro per jaar voor hen realistischer. Dit komt overeen met 2,5 advocaaturen per jaar. Voor grote ondernemingen liggen de tarieven natuurlijk veel hoger, maar deze ondernemingen zullen ook meer voordeel halen uit de zakelijke rechtsbijstandverzekering.

  • Dekt een zakelijke rechtsbijstandverzekering alle conflicten?

Neen. Veel is in de eerste plaats afhankelijk van de gemaakte keuzes. Zo kunnen dekkingen vaak in samenspraak met de verzekeraar worden gekozen. Bovendien zijn er ook geschillen die geen enkele verzekeraar wil verzekeren. Het gaat dan bijvoorbeeld om geschillen rond intellectuele eigendom of conflicten met betrekking tot de interne organisatie van bedrijven.

  • Ik heb een geschil met een andere onderneming. Kan ik nog snel een rechtsbijstandverzekering afsluiten?

Het is natuurlijk altijd mogelijk om snel een rechtsbijstandverzekering af te sluiten, maar deze zal in ieder geval het lopend conflict niet dekken. Lopende zaken zijn altijd uitgesloten. Nieuwe conflicten die na de ingangsdatum van de rechtsbijstandverzekering ontstaan, zijn wel gedekt.

  • Hoeveel juridische kosten kan ik maken?

Dit is afhankelijk van de met de verzekeraar gemaakte afspraken. In ieder geval kunnen er geen onbeperkte juridische kosten worden gemaakt. Zeker bij externe juristen zijn er vaak maximumbedragen. Veel verzekeraars hanteren daarbij een grens van 30.000 euro per geschil, maar maatwerk is zeker mogelijk. Houd er wel rekening mee dat de keuze voor hogere grensbedragen ook in een hogere premie zal resulteren.

  • Kan ik zelf kiezen bij welke advocaat ik aanklop?

Dit verschilt zoals zo vaak van verzekeraar tot verzekeraar. In principe wordt een geschil altijd eerst intern behandeld door de juridische dienst waar de rechtsbijstandverzekeraar mee samenwerkt. Wanneer het nodig is om naar de rechtbank te trekken, wordt er een beroep gedaan op een externe advocaat. In welke mate er dan sprake is van een vrije advocaatkeuze en of dit al dan niet wordt afgestraft met een hoger eigen risico is te lezen in de polisvoorwaarden.